De ouder wordende eierstok

Daarom krijgt een verstandige meid haar kinderen op tijd

Inleiding / Praktijkcases / Literatuur

Praktijkcases: drie patiŽnten

PatiŽnte A: Een 39 jarige vrouw met onvervulde kinderwens sedert 1,5 jaar.
Patiente had een onregelmatige cyclus en de hersenen moesten veel hormonen afgeven om toch nog een eicel van de ondergang te redden.
De overgangsleeftijd van de moeder van patiŽnte was 44 jaar.
Omdat haar echtgenoot slecht tot zeer slecht sperma had, werd besloten tot een ICSI-behandeling (Intra-Cytoplasmatische Sperma Injectie).

Met het door ons gebruikte krachtigste stimulatieschema werden desondanks slechts twee eicellen verkregen en hieruit ontstond 1 embryo van zeer matige kwaliteit.
De behandeling leidde niet tot zwangerschap.
Na deze behandeling werd het echtpaar geadviseerd verdere behandelingen te staken.

PatiŽnte B: Een 42 jarige vrouw met kinderwens.
Patiente had nog een regelmatige cyclus en de hersenen gaven een normale hoeveelheid hormonen af om de maandelijkse eicel te redden.
De overgangsleeftijd van de moeder van patiŽnte was 54 jaar.
Omdat patiente in het verleden was gesteriliseerd (uitgebreid dichtgebrande en niet te herstellen eileiders) werd besloten tot een IVF behandeling.

Ook deze patiente kreeg het krachtige stimulatie schema en bij haar werden tien eicellen verkregen. IVF leverde zes matig tot redelijke embryos op, waarvan er 2 in de baarmoeder werden geplaatst. Hierna heeft patiente nog twee vergelijkbare behandelingen ondergaan.
Na de 2e behandeling is er slechts even een positieve zwangerschapstest (lichte HCG stijging) geweest.
Na de 3e behandeling werd besloten te stoppen met de behandelingen.

PatiŽnte C: Een 34 jarige vrouw met een sinds drie jaar bestaande onvervulde kinderwens.
Patiente had een onregelmatige cyclus en de hersenen moesten hard werken om de maandelijkse eicel te laten produceren.
De overgangsleeftijd van de moeder van patiŽnte was 42 jaar.
De echtgenoot van patiŽnte had slecht sperma, maar geschikt voor een IVF-behandeling.
Bij de IVF behandeling met het sterke stimulatieschema werden telkens meer dan 4 eicellen verkregen.
In alle gevallen ontstonden er embryos en tijdens de behandelingen die het echtpaar kreeg konden 2 embryos in de baarmoeder geplaatst worden.
Besloten werd tot een vierde en laatste behandeling.
Deze laatste behandeling resulteerde in een intacte eenling zwangerschap.

Kwantiteit en kwaliteit van de eicellen hebben invloed op de fertiliteit (vruchtbaarheid) van een echtpaar:

De eicelvoorraad waarmee meisjes geboren worden varieert nogal eens. In bepaalde families heeft men een kleinere eicel voorraad.
Daar het aantal eicellen dat een individu per maand verliest hetzelfde is, zal dit bij deze meisjes resulteren in een vroegere overgang.
Als dit onder de 40 jaar is, spreekt men van vervroegd (prematuur) falen van de eierstokken (ovarieel)(premature ovarian failure, POF).

Ook neemt bij het ouder worden de kwaliteit van de eicellen af.
Dit word veroorzaakt door schade die de eicellen vanaf de geboorte tot de overgang oplopen, bijvoorbeeld door zuurstof radicalen.
Bij IVF en ICSI behandelingen ziet men een afname van het innestelings- en zwangerschaps-percentage per teruggeplaatst embryo.

Bij patiŽnte A zijn er op voorhand al redenen genoeg om niet met de fertiliteit (vruchtbaarheid) behandeling te starten.
Te weten de geringe eicel voorraad (familie anamnese en de verhoogde hersenhormoon activiteit) en de reeds verminderde eicelkwaliteit passend bij de leeftijd van patiente.

Bij patiŽnte B zou een behandeling het proberen nog waard zijn.
De eicelvoorraad blijkt nog voldoende (familie anamnese, de normale hersenhormoon activiteit en reactie op het stimulatie schema) en alleen de mindere eicelkwaliteit heeft effect op de kwaliteit van de embryos, dus ook minder goede zwangerschapspercentage.

Bij patiŽnte C is het wel degelijk zinvol om de fertiliteitsbehandeling te continueren.
Alhoewel de voorraad eicellen nog klein is, is de kwaliteit van de eicellen nog niet aangetast en zoals ook bleek uit het resultaat van de 4e behandeling.

Duidelijk is dat zowel de eicelvoorraad (kwantiteit) als eicelkwaliteit (leeftijd) een belangrijke rol speelt bij de (sub)fertiliteit / (on)vruchtbaarheid.
Conclusies:  - Zo moeder, zo dochter
- Tijd knaagt aan (eicel) kwaliteit
- Verstandig de meid, die haar kinderen krijgt op tijd

Ľ Klik hier voor de bij dit onderzoek gebruikte literatuur

Inleiding / Praktijkcases / Literatuur -->

Print deze pagina uit Print deze pagina
Voeg Fertiliteit.info toe aan je favorieten! Favorieten
INTERVIEW

Verhoging IVF slagingskans

Interview met gynaecoloog Van Santbrink over een nieuwe ontwikkeling ter verhoging van de IVF slagingskans.

Lees het interview

Fertiliteitsmedicatie per 2014

De overheid heeft bepaald dat per 1 januari 2014 de verstrekking van een aantal geneesmiddelen aan patiŽnten voortaan door het ziekenhuis moet worden geregeld.
Lees hier wat deze verandering voor u betekent..

Bron: Freya.nl

(advertenties)