Fostimon

U bevindt zich hier: » Fostimon » Wijze van gebruik

Wijze van gebruik

Fostimon is ontwikkeld voor subcutaan en intramusculair gebruik. Iedere flacon is bestemd voor eenmalig gebruik en dient onmiddellijk na aanmaak te worden toegediend. Het is in een aantal gevallen mogelijk dat uw arts u vraagt om zelf Fostimon toe te dienen. In dat geval dient de arts u van tevoren:

  • de subcutane injectietechniek te hebben getoond,
  • de mogelijke injectieplaatsen te hebben getoond,
  • hebben getoond hoe u de injectie-oplossing moet klaarmaken,
  • u precies te hebben getoond hoe u de juiste te injecteren dosis moet aanmaken.

Lees aandachtig volgende instructies door, alvorens zelf Fostimon toe te dienen

De te injecteren oplossing moet enkele ogenblikken voor de injectie worden klaargemaakt, aan de hand van een solvent (oplossing natriumchloride 0.9 % in water voor injectieoplossingen), dat in elke verpakking Fostimon wordt meegeleverd. Zorg voor een schoon werkvlak en was van tevoren uw handen. Het is belangrijk dat zowel uw handen als de toebehoren die u gebruikt, zo schoon mogelijk zijn. Leg de volgende benodigdheden van tevoren klaar:

  • twee in alcohol gedrenkte watjes (niet meegeleverd),
  • een flacon met Fostimon poeder,
  • een ampul met solvent,
  • een spuit (niet meegeleverd),
  • een naald voor de aanmaak van de injectieoplossing (niet meegeleverd),
  • een fijne naald voor de subcutane injectie (niet meegeleverd).

Aanmaak van de oplossing voor injectie

   
Ampul met oplosmiddel
Open de ampul oplosmiddel met de transparante vloeistof:
Op het uiteinde van de ampul met oplosmiddel, ziet u een gekleurd merkteken. Op die plaats werd de hals van de ampul speciaal bewerkt om makkelijker te breken. Klop voorzichtig op de bovenkant van de ampul zodat de vloeistof die bovenaan zit naar de onderkant van de ampul zakt. Druk stevig op de ampul ter hoogte van de hals zodat ze breekt ter hoogte van het gekleurde merkteken. Plaats de open ampul voorzichtig rechtop op het werkoppervlak.
Optrekken van het oplosmiddel:
Breng de naald aan om de spuit klaar te maken. Met de injectiespuit in één hand, neemt u de geopende ampul met oplosmiddel. U brengt de naald in de ampul en trekt het oplosmiddel op. Laat de injectiespuit voorzichtig rusten op het werkoppervlak en vermijd contact met de naald.

Flacon Fostimon
Voorbereiden van de injectievloeistof:
1 – Verwijder het dekseltje van de aluminium capsule op de flacon met Fostimon poeder en desinfecteer het rubberen oppervlak van de dop met een in alcohol gedrenkte tampon.
2 – Neem uw injectiespuit en injecteer het oplosmiddel zachtjes in de flacon met poeder via de rubberen dop.

3 – Laat de injectieflacon langzaam in uw handen rollen totdat het poeder volledig is opgelost ; vermijd vorming van schuim.
4 – Zodra het poeder is opgelost (hetgeen meestal onmiddellijk gebeurt), trekt u de oplossing voorzichtig in de injectiespuit op.




Subcutane injectie van de oplossing voor injectie
  • Vervang de naald die u gebruikt hebt voor de bereiding van de vloeistof door een fijnere injectienaald en verwijder eventuele luchtbellen in de spuit.
  • Indien u luchtbellen in de spuit waarneemt, richt de naald dan naar boven en klop vervolgens lichtjes op de spuit zodat de bellen naar boven komen. Druk daarna voorzichtig op de zuiger totdat de luchtbellen helemaal verdwenen zijn.
  • Pas de hoeveelheid Fostimon in de injectiespuit aan volgens de aanbevelingen van uw arts.
  • Uw arts of verpleegster heeft u wellicht de injectiezone getoond (bijvoorbeeld: de buik, de voorkant van de dijen). Desinfecteer de injectiezone met een in alcohol gedrenkt watje. Neem de huid stevig vast en breng de naald in één vaste beweging in (met een hoek van 45 tot 90 graden). Injecteer onder de huid zoals men u heeft voorgedaan. Injecteer niet rechtstreeks in een ader. Spuit de vloeistof in door voorzichtig op de zuiger te duwen. Neem voldoende tijd om de voorgeschreven hoeveelheid vloeistof in te spuiten. Trek de naald onmiddellijk terug en wrijf met een in alcohol gedrenkt watje en met cirkelvormige bewegingen op de injectieplaats.

Gooi alle gebruikte benodigdheden weg:
Na de injectie, dient u alle naalden en lege ampullen onmiddellijk weg te gooien in een daartoe bestemd recipiënt. Alle niet gebruikte vloeistof moet worden weggegooid.

U bevindt zich hier: » Fostimon » Wijze van gebruik
 E-mail een vriend(in)
 Print deze pagina
 Favorieten